De echte jubelton — de eenmalig verhoogde schenkingsvrijstelling voor de eigen woning van art. 33, onder 5, Successiewet 1956 — bestaat al lang niet meer. Sinds 1 januari 2024 is deze vrijstelling geschrapt. Ouders kunnen hun kind niet meer in één keer een fors bedrag voor de eigen woning schenken onder die bijzondere, verhoogde vrijstelling.
Maar de combinatie van een woning en schenken biedt nog steeds kansen en mogelijkheden.
Stelt u zich eens voor: uw dochter heeft haar droomhuis gevonden.
Koopprijs en marktwaarde: € 600.000. WOZ-waarde: € 500.000. De ouders willen wel € 100.000 bijdragen. De meest voor de hand liggende gedachte: de ouders schenken hun dochter € 100.000 en zij koopt daarmee de woning. Over zo’n schenking is tot een bedrag van € 7.377 (2026) aan schenkbelasting verschuldigd.
Door een íéts andere route te kiezen, kan de uitkomst geheel anders zijn. Stel dat niet de dochter, maar de ouders de woning kopen voor € 600.000 en met de verkoper overeenkomen dat de woning rechtstreeks aan de dochter kan worden geleverd. Vervolgens verkopen de ouders dezelfde woning voor de WOZ-waarde van € 500.000 aan hun dochter.
Ook nu is de dochter economisch precies € 100.000 beter af, want zij heeft effectief € 500.000 betaald voor een woning van € 600.000. Alleen hebben haar ouders haar deze keer geen € 100.000 overgemaakt; het voordeel zit in de prijs waarvoor zij de woning geleverd krijgt.
Voor de aangifte schenkbelasting wordt de woning verplicht gewaardeerd op de WOZ-waarde (art. 21, vijfde lid, Successiewet). De belaste schenking bedraagt dan niet € 100.000, maar € 500.000 (de WOZ-waarde van de woning) minus € 500.000 (de tegenprestatie van de dochter). De belaste schenking bedraagt dus precies nul.
In beide gevallen is de dochter € 100.000 rijker geworden en zijn de ouders € 100.000 armer geworden. Maar in de eerste route is € 7.377 verschuldigd en in de tweede route niet.
De jubelton mag dan verdwenen zijn, ouders en kinderen jubelen nog wel.
Een ander voorbeeld betreft het appartement van vader.
Vader, weduwnaar, heeft een vrijstaande woning met een marktwaarde van € 1.250.000 en een WOZ-waarde van € 900.000. Vader wil kleiner gaan wonen. Vader heeft in dit voorbeeld één zoon.
Vader verkoopt zijn woning voor € 900.000 aan zijn zoon. Om te voorkomen dat de zoon overdrachtsbelasting moet betalen, wordt de woning (nog) niet geleverd. Economisch beschouwd bedraagt de bevoordeling € 350.000. De zoon krijgt immers voor negen ton een woning waarvoor een willekeurige koper € 1,25 miljoen zou moeten betalen. Toch is geen schenkbelasting verschuldigd, omdat de woning voor de schenkbelasting wordt gewaardeerd op de WOZ-waarde.
Vervolgens koopt een derde de woning voor € 1,25 miljoen. Vader levert de woning bij de notaris direct aan de uiteindelijke bewoner. De koopsom die de koper betaalt, komt voor € 900.000 toe aan vader en voor € 350.000 aan zijn zoon.
Als het niet om vader en zoon was gegaan, maar om een tante en haar nichtje, zou de besparing zelfs ruim € 123.000 bedragen.
Dezelfde vader. Dezelfde zoon. Dezelfde woning. Alleen een andere route. En precies dát wilde de fiscale wetgever aanpakken.
Het kabinet was voornemens om bij schenking van een woning niet langer de WOZ-waarde, maar de waarde in het economisch verkeer als uitgangspunt te nemen. Deze wetgeving zou ingaan op 1 januari 2027. Bij de Voorjaarsnota 2026 liet het kabinet weten dat deze maatregel toch niet doorgaat, omdat een woning nu eenmaal geen objectief vastgestelde marktwaarde kent.
Het resultaat heeft iets tragikomisch. De wetgever constateert een ongewenste mogelijkheid om schenkbelasting te ontgaan. De wetgever bedenkt een oplossing. Die oplossing blijkt lastig uitvoerbaar en daarom trekt de wetgever de oplossing weer in. De ongewenste uitkomst blijft daarmee bestaan.
De fiscale wetgever heeft duidelijk gemaakt dat hij deze uitkomst kent en wilde veranderen. Dat de eerste poging niet doorgaat, betekent natuurlijk niet dat er nooit een tweede komt — zeker niet nu het wetgevingsoverleg over de Fiscale verzamelwet 2027 op het moment van schrijven nog moet plaatsvinden.
De jubelton is afgeschaft. Tegelijkertijd kan de manier waarop ouders en kinderen een woning aan elkaar overdragen nog steeds tot een veel gunstigere uitkomst voor de schenkbelasting leiden dan wanneer ouders hetzelfde economische voordeel eenvoudigweg in geld schenken.
De jubelton is dood. Lang leve het gejubel.
© Copyright 2026 – voorwaarden – privacy statement – gehost door B&S Media

