Door Jan Pieter van Eck en Geert Beuker, belastingadviseur bij Cervus Tax
Het is een verschijnsel dat wij vaak voorbij zien komen in onze adviespraktijk. Steeds vaker bundelen overheden en semioverheden hun krachten bij bijvoorbeeld de inkoop van ICT-systemen, software, facilitaire diensten of andere specialistische ondersteuning. Dit kan echter ook betrekking hebben op zorg of welzijnswerk. Vanuit aanbestedingsrechtelijk en bedrijfseconomisch perspectief is dat vaak logisch: schaalvoordelen, kennisdeling en kostenbesparing liggen voor de hand. Als Cervus Tax, een in het semipublieke domein gespecialiseerd boutique belastingadvieskantoor, zien wij echter ook dat regelmatig wordt onderschat wat de fiscale gevolgen zijn van dergelijke samenwerkingen. Juist wanneer meerdere publieke organisaties gezamenlijk optreden richting leveranciers, kunnen vragen ontstaan op het gebied van btw en vennootschapsbelasting. Een fiscaal doordachte structuur aan de voorkant voorkomt vaak discussie achteraf. Zeker als er wordt gewerkt met coöperaties, een rechtsvorm die geliefd is in het maatschappelijk domein.
Samenwerking betekent niet automatisch fiscale neutraliteit
Veel overheidsorganisaties gaan er al snel van uit dat samenwerking tussen publieke partijen per definitie fiscaal neutraal verloopt. In de praktijk is dat lang niet altijd het geval.
Zodra één partij kosten maakt namens de andere deelnemers, deze kosten doorbelast, gezamenlijke activa worden ontwikkeld of een aparte organisatie wordt opgericht voor uitvoering van de samenwerking, ontstaat een fiscaal relevante situatie. Ook wanneer geen winstoogmerk aanwezig is, kunnen fiscale regels toch hun werking hebben.
Bij omvangrijke projecten (niet zelden ICT-projecten) zien wij regelmatig dat aanzienlijke ontwikkelingskosten worden gemaakt voordat duidelijk is welke partij uiteindelijk juridisch eigenaar wordt van de resultaten. Dat kan gevolgen hebben voor de btw-behandeling van de gemaakte kosten en voor de fiscale positie van de betrokken organisaties.
De btw: waar zit het risico?
Uiteraard is de btw hierbij een belangrijk aspect. De btw vormt in veel publieke samenwerkingen zelfs een van de belangrijkste aandachtspunten.
Overheden verrichten vaak activiteiten die niet of slechts beperkt recht geven op aftrek van voorbelasting. Wanneer externe leveranciers btw in rekening brengen, kan deze btw daardoor een reële kostenpost vormen.
Vragen die in de praktijk regelmatig opkomen zijn:
- Wie is de afnemer van de ingekochte diensten?
- Is sprake van een kostenverdeling of van een belaste prestatie?
- Hoe moeten doorbelastingen tussen deelnemers worden behandeld?
- Ontstaat recht op aftrek van voorbelasting?
- Verandert de btw-positie wanneer een afzonderlijke rechtspersoon wordt opgericht?
Met name bij gezamenlijke ICT-projecten is het essentieel om vooraf vast te leggen welke partij welke prestaties verricht en onder welke voorwaarden kosten worden verdeeld. Een onjuiste inrichting kan ertoe leiden dat btw een blijvende kostenpost wordt, terwijl een juiste structurering soms juist mogelijkheden biedt om btw-druk te beperken.
Een aparte samenwerkingsorganisatie: oplossing of nieuw vraagstuk?
Regelmatig kiezen deelnemers ervoor om de samenwerking onder te brengen in een stichting, coöperatie of andere gezamenlijke entiteit. De laatste jaren geniet de coöperatie vaak de voorkeur vanuit civielrechtelijk perspectief.
Een afzonderlijke rechtspersoon kan voordelen bieden vanuit governance en projectbeheersing. Tegelijkertijd roept een dergelijke structuur vaak wel nieuwe fiscale vragen op.
De kernvraag is vaak of de samenwerkingsorganisatie zelfstandig economische activiteiten verricht. Indien dat het geval is, kan sprake zijn van ondernemerschap voor de btw. Vergoedingen die deelnemers betalen, kunnen dan onder omstandigheden worden aangemerkt als de vergoeding voor een belastbare prestatie.
Ook moet worden beoordeeld hoe ingebracht vermogen, zoals ontwikkelde software, intellectuele eigendomsrechten en toekomstige exploitatie, fiscaal moet worden behandeld. Juist bij langdurige projecten kunnen deze aspecten materiële financiële gevolgen hebben. Er moeten belangrijke berekeningen worden gemaakt die betrekking hebben op lange looptijden.
Vergeet de vennootschapsbelasting niet
Hoewel de meeste aandacht in het (semi)publieke domein vaak uitgaat naar de btw, verdient ook de vennootschapsbelasting zeker de aandacht.
Sinds de modernisering van de vennootschapsbelastingplicht voor overheidslichamen in 2016 is niet langer vanzelfsprekend dat een samenwerkingsinitiatief buiten de heffing blijft. Een afzonderlijke organisatorische entiteit kan onder omstandigheden belastingplichtig zijn wanneer sprake is van een onderneming of wanneer activiteiten concurreren met marktpartijen.
Daarbij spelen onder meer vragen als:
- Worden prestaties tegen vergoeding verricht?
- Worden er subsidies verstrekt en in welke vorm?
- Is sprake van een duurzame organisatie van arbeid en kapitaal?
- Wordt er binnen een besloten kring gepresteerd?
- Worden economische voordelen beoogd of gerealiseerd?
- Is sprake van concurrentie met commerciële aanbieders?
- Wordt er onderzoek verricht en/of aan kennisvalorisatie gedaan?
Het tijdig aandacht vragen voor de vrijstellingen in de wet is zeer belangrijk. Zo kent de wet verschillende subjectvrijstellingen. Daarnaast zijn er ook objectvrijstellingen (binnen een rechtspersoon worden dan specifieke winsten behaald met kwalificerende werkzaamheden vrijgesteld) die onderzocht moeten worden. Een tijdige analyse voorkomt verrassingen wanneer projecten bijvoorbeeld groeien en/of er nieuwe samenwerkingspartners aansluiten.
Fiscale structuuranalyse aan de voorkant loont
Onze ervaring leert dat fiscale aandacht vaak pas ontstaat nadat de eerste contracten zijn gesloten en investeringen zijn gedaan. Op dat moment zijn keuzes uit het verleden echter moeilijk terug te draaien.
Juist in de initiële fase van een gezamenlijke aanbesteding verdient het aanbeveling om naast aanbestedingsrechtelijke en governance-vraagstukken ook de fiscale gevolgen in kaart te brengen. Daarbij is niet alleen van belang hoe de samenwerking vandaag is ingericht, maar ook hoe deze zich in de toekomst kan ontwikkelen.
Verder is het zo dat veel (semi)overheden graag transparantie willen betrachten richting de Belastingdienst en dus zekerheid vooraf willen vragen over bepaalde aspecten van hun samenwerking. Soms is dat zelfs verplicht, bijvoorbeeld als een van de samenwerkingspartners horizontaal toezicht (HT) heeft.
In al deze gevallen is het succesvol afstemmen met de Belastingdienst makkelijker en sneller als in het voortraject tijdig is geanticipeerd op de fiscale aspecten die spelen. Een simpel voorbeeld kan in dit kader dienen: stel dat een instelling met de Belastingdienst wenst af te stemmen dat zij voor de vennootschapsbelasting recht heeft op de objectvrijstelling voor overheidstaken. Een succesvolle afstemming vooraf lijkt ons op voorhand eigenlijk alleen haalbaar als is nagedacht over waarom de betreffende werkzaamheid een overheidstaak is. Daarnaast is het voor de objectvrijstelling relevant dat er een kosten-batentoerekening plaatsvindt. Daarmee is het voor ons in principe een gegeven dat de belastingplichtige op het moment van afstemming vooraf weet op welke wijze de samenwerkende partners doorbelastingen gaan laten plaatsvinden.
Conclusie en advies van Cervus Tax
Gezamenlijk aanbesteden door overheden en semioverheden is inmiddels een beproefd instrument om efficiënter en effectiever publieke taken uit te voeren. Tijdig aandacht vragen voor de fiscale aspecten ervan, levert dan vrijwel altijd belangrijke kostenbesparingen op. En daar wordt zo’n samenwerking toch vaak juist voor opgezet.
In deze blog focussen wij op de btw-gevolgen van kostenverdelingen, doorbelastingen en gezamenlijke investeringen. Deze verdienen zeker vroegtijdige aandacht. Daarnaast moet worden beoordeeld of een samenwerkingsorganisatie gevolgen heeft voor de vennootschapsbelasting.
Een goede fiscale analyse vooraf voorkomt onnodige kosten, discussie met de Belastingdienst en onaangename verrassingen tijdens de looptijd van het project. Cervus Tax heeft ruime ervaring met deze materie en kan uw instelling hierbij behulpzaam zijn.
Deze bijdrage is algemeen van aard en kan niet worden aangemerkt als fiscaal advies voor een specifieke situatie. Voor vragen over gezamenlijke aanbestedingen of samenwerkingsverbanden binnen de (semi)publieke sector kunt u contact opnemen met Cervus Tax.
Expertisegebieden Cervus Tax
- Btw (semi)publieke sector
- Vennootschapsbelasting overheidsondernemingen
- Fiscale begeleiding gezamenlijke aanbestedingen
- Fiscale structurering van samenwerkingsverbanden
- Coöperaties, stichtingen en overige samenwerkingsverbanden tussen (semi)overheidsinstellingen
- Fiscale aspecten van ICT-projecten binnen samenwerkingsverbanden van (semi)overheden
Contact Cervus Tax
J.P. van Eck, tax partner
+31 (0)853021050
© Copyright 2026 – voorwaarden – privacy statement – gehost door B&S Media

